De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  gastenboek |  wie is wie? |  verhalen |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

Re: Extremumvraagstukken

 Dit is een reactie op vraag 65793 
De cilinder kom ik uit, maar de balk niet. Want in de formule van de inhoud heb je dan toch 2 onbekenden? de breedte en de lengte en die kom ik niet uit, want als je de hoogte afleidt uit de formule (4z+h)=120 dan is h=120-4z en als ik dat invul in de formule voor de inhoud dan heb ik nog steeds 2 onbekenden.

Ogi
3de graad ASO - maandag 3 oktober 2011

Antwoord

Het grondvlak van de balk was een vierkant. De omtrek is dan $4z$ en de hoogte is dan $h$, dus $h=120-4z$, inderdaad! De inhoud is $z^{2}\cdot h$ en met $h=120-4z$ krijg je:

Inhoud($z$)=$z^{2}·(120-4z)$.

Zou het dan lukken?

Wie is wie?
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
maandag 3 oktober 2011



home |  vandaag |  bijzonder |  gastenboek |  statistieken |  wie is wie? |  verhalen |  colofon

©2001-2024 WisFaq - versie 3