\require{AMSmath}
WisFaq - de digitale vraagbaak voor wiskunde en wiskunde onderwijs


Printen

Complexe getallen en 3e graadsvergelijkingen

hallo,
ik maak een PO over 3e graadsvergelijkingen en ik wil graag weten waarom een 3e graadsvergelijkinge altijd 3 oplossingen heeft. ik weet dat dan sommige oplossingen complex zijn maar ik snap niet precies hoe dat zit.

voorbaat dank
jeroen

jeroen
Leerling bovenbouw havo-vwo - woensdag 9 juni 2004

Antwoord

Beste Jeroen,

Elk polynoom van de graad n met coëfficiënten komende uit kan ontbonden worden in exact n factoren, waardoor er exact n wortels zijn. Dat is wat de De hoofdstelling van de algebra zegt.
Dus elke derdegraadsvergelijking heeft graad = 3, en dus ook 3 wortels. Deze wortels kunnen reëel en/of complex zijn. Ook kunnen wortels samenvallen, bijvoorbeeld f(x)=x3 heeft 3 keer de wortel 0, dus x3 = (x-0)·(x-0)·(x-0).

Een voorbeeld: ontbind x3+6x in (lineaire) factoren.
x3+6x = x(x2+6). Wat zijn de wortels? De factoren gelijkstellen aan 0, dus x=0 of x2+6=0. Dus x=0 is al één wortel, maar wat doen we met x2+6=0 Û x2=-6 Û x = ±Ö(-6) Û x = ±Ö((-1)·6)Û x = ± iÖ6. Dus x = iÖ6 en x = -iÖ6 zijn ook wortels.
Dan hebben we alle wortels, en kan de functie ontbonden worden in (x-0)·(x+iÖ6)·(x-iÖ6) = x·(x+iÖ6)·(x-iÖ6).

Groetjes,

Davy.


woensdag 9 juni 2004

©2001-2024 WisFaq