Algebra

Analyse

Bewijzen

De grafische rekenmachine

Discrete wiskunde

Fundamenten

Meetkunde

Oppervlakte en inhoud

Rekenen

Schoolwiskunde

Statistiek en kansrekenen

Telproblemen

Toegepaste wiskunde

Van alles en nog wat


\require{AMSmath}

Vergelijkingen met het getal e als grondtal

Hallo!
Ik moet de vergelijking 0,2e0,2t+8 = 0,4e0,4t+2 oplossen. In het antwoordenboekje staat het antwoord 26,5, maar ik heb totaal geen idee hoe ze er aan komen. Als ik beide grafieken plot en vervolgens met intersect het snijpunt bepaal, komt daar iets met 17,023 uit. Waarschijnlijk klopt het antwoord dat in het boekje staat dan niet, maar hoe moet je zo'n probleem precies aanpakken?
In ieder geval alvast bedankt voor de moeite
Groetjes,

Lisa
Leerling bovenbouw havo-vwo - maandag 14 juni 2004

Antwoord

Links en rechts de 'ln' nemen! Is dat verstandig? Ach, de uitdrukkingen aan weerskanten van het 'is-gelijk-teken' zijn in ieder geval altijd groter dan 0, dus veel kan er niet misgaan:

q25435img1.gif

Zie Rekenregels machten en logaritmen voor de regels...

WvR
dinsdag 15 juni 2004

©2001-2024 WisFaq