De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  prikbord |  gastenboek |  wie is wie? |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ's
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

Re: Stelsel

 Dit is een reactie op vraag 68900 
Ik kan de eerste vergelijking maal sinalfa doen en de tweede maal cosalfa.
Dan kom ik het volgende uit:

Sinalfa . 23 = 3cosalfa.sinalfa + 20cosbeta.sinalfa

0 = 3 sinalfa . cosalfa + 20 cosalfa . sinbeta

Dan kan ik in mijn eerste vergelijking 3cosalfa.sinalfa vervangen door -20 cosalfa . sinbeta.

En dan krijg ik in mijn eerste vergelijking:
Sinalfa . 23 = - 20 cosalfa.sinbeta + 20cosbeta.sinalfa

En weet ik het weer niet meer...

Hannah
Student universiteit BelgiŽ - maandag 5 november 2012

Antwoord

Het lijkt me niet zo'n goed idee om de vergelijkingen te gaan vermenigvuldigen met iets waar de variabele alpha nog in zit.
Maar laten we eens kijken, zoals je hoop ik weet geldt: -1cos(t)1
Dus -33cos(a)3 en -2020cos(b)20.
Wil uit 3cos(a)+20cos(b) 23 komen dan MOET cos(a)=1 en cos(b)=1.
Waaruit dan automatisch volgt:sin(a)=0 en sin(b)=0.
Gelukkig voldoet dit tweetal aan 0=3sin(a)+20sin(b).
Conclusie:
cos(a)=1 en cos(b)=1 en sin(a)=0 en sin(b)=0.
Dus a=0+2kp en b=0+2kp

Wie is wie?
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
maandag 5 november 2012


klein |  normaal |  groot

home |  vandaag |  bijzonder |  twitter |  gastenboek |  wie is wie? |  colofon

©2001-2019 WisFaq - versie IIb