De digitale vraagbaak voor het wiskundeonderwijs

home |  vandaag |  gisteren |  bijzonder |  prikbord |  gastenboek |  wie is wie? |  contact

HOME

samengevat
vragen bekijken
een vraag stellen
hulpjes
zoeken
FAQ's
links
twitter
boeken
help

inloggen

colofon

  \require{AMSmath} Printen

Re: Bewijs van dubbel- en halveringsformule

 Dit is een reactie op vraag 52203 
Beste,
Tot het invullen van de som formules begrijp ik het:
"sin(2t)=2sin(t).cos(t) EN cos(2t)=cos2(t)-sin2(t)"

hierna ben ik het spoor bijster. Stellen ze de twee in gevulde somformule's aan elkaar gelijk oid?

mvg

Reinie
Student hbo - maandag 24 september 2007

Antwoord

Reinier,
Ze gebruiken, zoals jezelf opschrijft:
sin2(t)+cos2(t)=1,
ofwel:
sin2(t)=1-cos2(t) en cos2(t)=1-sin2(t).
Dat is niets anders dan de stelling van Pythagoras, bekeken in de eenheidscirkel
Zie:
In figuur 10 (4.5) zie je:
AC=p=sin(x) en AB=q=cos(x)
De straal van de cirkel=r=1, dus vlg. Pythagoras: p2+q2=1
Helpt dat?

ldr
Vragen naar aanleiding van dit antwoord? Klik rechts..!
maandag 24 september 2007



klein |  normaal |  groot

home |  vandaag |  bijzonder |  twitter |  gastenboek |  wie is wie? |  colofon

©2001-2021 WisFaq - versie IIb