WisFaq!

\require{AMSmath} geprint op zondag 12 juli 2020

Bereken de hoek van twee lijnen

Bij de vokgende opgave krijg ik 0,66$\pi$ maar geeft het antwoord 0,35$\pi$, moet je hier de scherpe hoek nemen?

Bereken in radialen de hoek van de volgende lijnen:

(X,y)=(2,3)+l(-3,0) en (x,y)=(1,3)+m(1,2)

Cos$\Phi$=-31+02/((√(10)√(4))$\approx$-0,47$\Rightarrow$ $\Phi$ $\approx$0,66$\pi$

mboudd
19-2-2020

Antwoord

Er zit een fout in je berekening; het inwendig poduct van de richtingsvectoren is inderdaad $-3\cdot 1+0\cdot2=-3$ maar de lengten van die vectoren kloppen niet: $\|(-3,0)\|=3$ en $\|(1,2)\|=\sqrt5$.
En inderdaad: het is meestal de afspraak de scherpe hoek te nemen.

kphart
19-2-2020


© 2001-2020 WisFaq
WisFaq - de digitale vraagbaak voor het wiskunde onderwijs - http://www.wisfaq.nl

#89200 - Lineaire algebra - Leerling mbo