WisFaq!

\require{AMSmath} geprint op donderdag 13 augustus 2020

Afstanden afleggen (dynamica)

Jan en Henk fietsen op een rechte weg naar elkaar toe. Als ze starten zijn ze 45 km van elkaar verwijderd. Jan fietst met een snelheid van 10 km/u en Henk met 20 km/u.
Bij de start zit op de koplamp van de fiets van Jan een snelle vlieg met een enorme conditie.

De vlieg vliegt bij de start met een snelheid van 26 km/u naar de fiets van Henk. Daar aangekomen draait de vlieg om en vliegt met dezelfde snelheid terug naar de fiets van Jan. Dit herhaalt zich totdat Jan en Henk elkaar tegenkomen.
Als Jan en Henk elkaar tegenkomen, heeft de vlieg 65 km afgelegd.

Fout.
Je hebt 65 ingevuld. Het juiste antwoord is 39.

Ik had de snelheid van jan en henk samen opgeteld 20+10=30 en dit gedeeld door 2 is een gemiddelde snelheid van 15 km/h
Dan is de tijd dat ze elkaar tegen komen 45/15=3h, zodat de vlieg in die tijd 326=78 km aflegt dit had ik fout het antwoord moest zijn:
(een somsuggestie van Marnix van den Bos)
Na anderhalf uur komen Jan en Henk elkaar tegen (Jan heeft dan 15 km afgelegd en Henk 30). (dit begrijp ik niet)

De vlieg heeft dan anderhalf uur gevlogen met een snelheid van 26 km/u en heeft dus 1,5 x 26 = 39 km afgelegd.
Zie ook de pagina 'Snelheid'.

bouddou
19-11-2012

Antwoord

Elk uur wordt er 10 + 20 = 30 km van de 45 km afstand afgeknabbeld. Omdat 45/30 = 1,5 gaat het dus 1,5 uur duren tot er een ontmoeting plaatsvindt. Verder zal het wel duidelijk zijn.

MBL
19-11-2012


© 2001-2020 WisFaq
WisFaq - de digitale vraagbaak voor het wiskunde onderwijs - http://www.wisfaq.nl

#69013 - Rekenen - Leerling mbo