WisFaq!

\require{AMSmath} geprint op zaterdag 20 april 2024

Sinus en cosinus

Ik kan nergens iets vinden omtrent deze sommen in mijn boeken dan wel op wisfaq. Hopelijk kunt u mij hierbij helpen dan wel uitleggen.

1) De waarde sin(2/3$\pi$) is gelijk aan

A) 1/2
B) 1/2√3
C) -1/2
D) -1/2√3

2) cos(2x) is gelijk aan

A) 2sin2(x)-1
B) 1-2 cos2(x)
C) sin2 (x) - cos2(x)
D) 2 cos2(x)-1

3) sin(3/2$\pi$-x) is gelijk aan

A) -sin(x)
B) -cos(x)
C) cos(x)
D) sin(x)

Olde Kalter
6-8-2010

Antwoord

1)
Gebruik de eenheidscirkel!

q62899img1.gif

Aflezen bij 2/3$\pi$ geeft 1/23

2)
Deze formules staan (of stonden?) op de formulekaart.



Zie 6. Goniometrische vergelijkingen oplossen

3)
Gebruik de eenheidscirkel en teken een aantal punten van de grafiek!

q62899img2.gif

Je begint bij 11/2$\pi$ en je gaat met de wijzers van de klok mee (het is immmers -x). Bij x=0 krijg je als functiewaarde -1. Bij 1/2$\pi$ is de functiewaarde 0,... enz... Uiteindelijk krijg je zoiets als:

q62899img3.gif

..en daar zie ik toch wel y=-cos(x) in...

q62899img4.gif

Waarmee dit vraagstuk ook weer 's opgelost... en de spelregels al gelezen?

WvR
6-8-2010


© 2001-2024 WisFaq
WisFaq - de digitale vraagbaak voor het wiskunde onderwijs - http://www.wisfaq.nl

#62899 - Goniometrie - Student hbo