WisFaq!

\require{AMSmath} geprint op woensdag 12 augustus 2020

Formule herleiden

Beste heer/mevrouw,

Ik ben bezig met opgaves om formules ter herleiden, alleen is er 1 opgave waar ik niet aan uit kom, namelijk:
3pr10+5p10r= (en voor de duidelijkheid de laatste optelling is op deze manier 5p3r, maar tot de derde is dat 10)
Het zijn geen gelijksoortige termen dus deze mag ik niet optellen, het antwoord volgens het boek zou zijn
pr(3r9+5p9)
Hoe moet ik in deze te werk gaan?

Peter
3-6-2010

Antwoord

De eerste term bevat maar één p en de tweede term bevat 10 p's.
Je kunt er dus maar één 'uithalen' (= voor de haakjes zetten), want de eerste term heeft er doodeenvoudig niet meer.
De eerste term bevat 10 r's en de tweede maar één.
Dus opnieuw: er kan er maar ééntje worden uitgehaald.
De getallen 3 en 5 zijn onderling ondeelbaar en daarmee valt dus niks zinnigs te beginnen.
Kortom: pr(3r^9 + 5p^9) en als je hierin de haakjes weer wegwerkt, zou je toch moeten zien dat het inderdaad klopt.

MBL
4-6-2010


© 2001-2020 WisFaq
WisFaq - de digitale vraagbaak voor het wiskunde onderwijs - http://www.wisfaq.nl

#62606 - Vergelijkingen - Leerling mbo