WisFaq!

\require{AMSmath} geprint op woensdag 23 september 2020

Re: Vraagstuk vergelijking rechte in de ruimte

Wat ik niets snap is waarom u de lengte van de vector a bepaald. Dit getal heef toch geen waarde, geen doel, geen betekenis? Hoe kom je dan aan 5/3t en 15/9t? Ik zie hoe je de plaatsvector bekomt maar wat wil dat dan zeggen?

Dank bij voorbaat,
mvg,

Tim Buyse
21-11-2005

Antwoord

De vector a heeft de lengte 3, zoals ik je heb laten zien.
Als je deze vector met 5/3 vermenigvuldigt krijg je een vector ter lengte 5.
Het vliegtuig moest een snelheid 5 hebben in de richting van deze vector.
Daar heb je op deze manier dus voor gezorgd.

hk
21-11-2005


© 2001-2020 WisFaq
WisFaq - de digitale vraagbaak voor het wiskunde onderwijs - http://www.wisfaq.nl

#41692 - Ruimtemeetkunde - 3de graad ASO