\require{AMSmath}

Overzicht onderwijs BelgiŽ

BSO

Het beroepssecundair onderwijs is vooral praktisch gericht. Er is een brede waaier aan richtingen in het BSO. De leerlingen worden opgeleid voor een beroep, een 'stiel': kok, lasser, bejaardenhelper, carrossier Maar ze moeten ook hun weg kunnen vinden in onze veeleisende maatschappij. Dus krijgen leerlingen in het BSO ook algemene vakken. Nederlands bijvoorbeeld en wiskunde. Zij leren omgaan met de moderne media zoals de computer en leren op een gezonde manier voor zichzelf opkomen. Sommige jongeren volgen na het zesde jaar BSO nog een zevende jaar en behalen zo een diploma secundair onderwijs. Op de arbeidsmarkt is opnieuw een tekort aan goede vakmensen.

TSO

In het technisch secundair onderwijs krijg je een opleiding die gedeeltelijk theoretisch is en gedeeltelijk praktisch. Afhankelijk van de interesse van de jongere zijn er tal van richtingen in het TSO: mechanica, secretariaat, industriŽle wetenschappen, verzorging. Het niveau voor bijvoorbeeld wiskunde of talen lijkt in sommige richtingen sterk op dat van het ASO. Veel jongeren gaan na het TSO nog een voortgezette opleiding volgen.

KSO

Het kunstsecundair onderwijs richt zich tot jongeren die duidelijk artistiek aangelegd zijn. Ballet, beeldende kunsten, muziek worden gecombineerd met een stevige brok algemene vakken. Veel KSO-studenten volgen na het secundair een voortgezette kunstopleiding, maar zij kunnen ook andere richtingen uit.

ASO

Het algemeen secundair onderwijs (ASO) biedt een algemene opleiding die aanstuurt op elke hogere studie. Afhankelijk van de afdeling gaat er meer aandacht naar wiskunde of wetenschappen of naar talen. Met een diploma ASO alleen heb je op de arbeidsmarkt niet veel mogelijkheden. Je moet eigenlijk wel voortstuderen, studies van het korte type of van het lange type, aan een hogeschool of aan een universiteit.

cl

Zie eventueel lesplannen BelgiŽ


©2004-2019 WisFaq