\require{AMSmath}
WisFaq - de digitale vraagbaak voor wiskunde en wiskunde onderwijs


Printen

Integreren tot ln

Ik heb een opgave waar een formule geintegreerd wordt, maar ik snap de stap niet.

De stap begint zo

dt · -c = db · 1/b

Dan wordt er geintregeerd en komt het uit op:

-c · t + C = ln (b)

Ik snap deze integreer stap niet, zou u mij het kunnen uitleggen?

Sanam
Student universiteit - donderdag 20 december 2018

Antwoord

Hallo Sanan,

Wanneer integreren nieuw voor je is, kijk dan voor algemene informatie eens op Wikipedia: integraalrekening. Integreren is de inverse bewerking van differentiëren. In jouw vergelijking komt het erop neer dat je zowel links als rechts van het is-gelijk-teken een functie zoekt, zodanig dat de afgeleide hiervan (dus: gedifferentieerd) de oorspronkelijke functie oplevert. Zo'n functie noemen we een primitieve functie.

Links is de oorspronkelijke functie -c. Primitieven zijn:
-c·t + C1

met C1 een willekeurige constante (vandaar het meervoud: primitieven).
Je kunt controleren of dit primitieven zijn door deze weer te differentiëren. De afgeleide van -c·t + C1 is inderdaad de oorspronkelijke functie -c.

Rechts is de oorspronkelijke functie 1/b. Primitieven zijn ln|b| + C2 (zie wikipedia: lijst van integralen). In jouw uitwerking staat ln(b). Wanneer b positief is, dan maakt dit niet uit.

De integratieconstanten C1 en C2 kunnen worden samengevoegd door links en rechts C2 af te trekken, zo komen we tot één constante
C=C1-C2 in het linkerlid.


vrijdag 21 december 2018

©2001-2024 WisFaq