Algebra

Analyse

Bewijzen

De grafische rekenmachine

Discrete wiskunde

Fundamenten

Meetkunde

Oppervlakte en inhoud

Rekenen

Schoolwiskunde

Statistiek en kansrekenen

Telproblemen

Toegepaste wiskunde

Van alles en nog wat


\require{AMSmath}

 Dit is een reactie op vraag 40587 

Re: Re: Re: Vectorvoorstelling

V: (-1,-1,0) + l(1,0,-2)+ m(-1,-4,0)
W: (0,1,0) + a(1,3,-1) + b(0,-2,0)

Dan:

-1+l-m=a
-1-m=1+3a-2b
-2l=-a

Dit probeer ik op te lossen, maar ik hou steeds 3 onbekenden over...

Altien
Student hbo - dinsdag 4 oktober 2005

Antwoord

Beste Altiene,

In je stelsel zit een klein foutje, m hoort in vgl 2 een coëfficiënt -4 te hebben. Dan heb je een stelsel van 3 vergelijkingen in 4 onbekenden, daar heb je inderdaad géén unieke oplossing uit. Gelukkig maar, want we zoeken geen punt maar een lijn.

Je lost het stelsel op door één onbekende te kiezen als vrije parameter (bijvoorbeeld m) en dan het stelsel op te lossen naar de overige 3 onbekenden. Je oplossing zal dan waarschijnlijk afhangen van de parameter m. In feite hoef je alleen de oplossing van l te zoeken in functie van m en dan deze in de vergelijking van het vlak V vervangen om de vergelijking van de gezochte lijn te vinden.

mvg,
Tom

td
dinsdag 4 oktober 2005

 Re: Re: Re: Re: Vectorvoorstelling  

©2001-2024 WisFaq